AEG SCE819E5TS Le manuel du propriétaire

Catégorie
Congélateurs
Taper
Le manuel du propriétaire
USER
MANUAL
NL Gebruiksaanwijzing 2
Koel-vriescombinatie
FR Notice d'utilisation 25
Réfrigérateur/congélateur
DE Benutzerinformation 49
Kühl - Gefrierschrank
SCE819E5TS
INHOUDSOPGAVE
1. VEILIGHEIDSINFORMATIE................................................................................. 2
2. VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN........................................................................ 5
3. INSTALLATIE........................................................................................................7
4. BEDIENINGSPANEEL..........................................................................................9
5. DAGELIJKS GEBRUIK....................................................................................... 12
6. AANWIJZINGEN EN TIPS..................................................................................15
7. ONDERHOUD EN REINIGING...........................................................................18
8. PROBLEEMOPLOSSING...................................................................................19
9. GELUIDEN..........................................................................................................23
10. TECHNISCHE GEGEVENS..............................................................................23
11. AANWIJZINGEN VOOR TESTINSTITUTEN....................................................23
VOOR PERFECTE RESULTATEN
Bedankt dat u voor dit AEG-product heeft gekozen. Dit apparaat is ontworpen om
vele jaren uitstekend te presteren, met innovatieve technologieën die het leven
gemakkelijker helpen maken – functies die gewone apparaten wellicht niet
hebben. Neem een paar minuten de tijd om het door te lezen zodat u er optimaal
van kunt profiteren.
Ga naar onze website voor:
Advies over gebruik, brochures, het oplossen van problemen, onderhouds- en
reparatie-informatie:
www.aeg.com/support
Registreer uw product voor een betere service:
www.registeraeg.com
Koop accessoires, verbruiksartikelen en originele reserveonderdelen voor uw
apparaat:
www.aeg.com/shop
KLANTENSERVICE
Gebruik altijd originele onderdelen.
Als u contact opneemt met de klantenservice zorg dat u de volgende gegevens
bij de hand hebt: Model, productnummer, serienummer.
De informatie staat op het typeplaatje.
Waarschuwing / Belangrijke veiligheidsinformatie
Algemene informatie en tips
Milieu‑informatie
Wijzigingen voorbehouden.
1. VEILIGHEIDSINFORMATIE
Lees zorgvuldig de meegeleverde instructies voor
installatie en gebruik van het apparaat. De fabrikant is
niet verantwoordelijk voor verwondingen of schade die
www.aeg.com2
voortvloeit uit de onjuiste installatie of het onjuiste
gebruik. Bewaar de instructies altijd op een veilige,
toegankelijke plek voor toekomstig gebruik.
1.1 Veiligheid van kinderen en kwetsbare
mensen
Dit apparaat kan worden gebruikt door kinderen van 8
jaar en ouder en door mensen met beperkte
lichamelijke, zintuiglijke of verstandelijke vermogens of
een gebrek aan ervaring en kennis, indien zij onder
toezicht staan of instructies hebben gekregen over het
veilig gebruiken van het apparaat en indien zij de
eventuele gevaren begrijpen.
Kinderen in de leeftijd van 3 tot 8 jaar mogen het
apparaat laden en lossen op voorwaarde dat ze goed
zijn geïnstrueerd.
Dit apparaat mag worden gebruikt door personen met
zware en complexe beperkingen, indien ze duidelijk
zijn geïnstrueerd.
Kinderen jonger dan 3 jaar dienen, mits zij
voortdurend onder toezicht staan, bij het apparaat uit
de buurt te worden gehouden.
Laat kinderen niet met het apparaat spelen.
Kinderen mogen zonder toezicht geen reinigings- en
onderhoudswerkzaamheden aan het apparaat
uitvoeren.
Houd alle verpakkingen uit de buurt van kinderen en
verwijder ze op gepaste wijze.
1.2 Algemene veiligheid
Dit apparaat is bedoeld voor gebruik in huishoudelijke
en soortgelijke toepassingen, zoals:
boerderijen, personeelskeukens in winkels,
kantoren of andere werkomgevingen;
Door gasten in hotels, motels, bed&breakfasts en
andere woonomgevingen.
Neem de volgende instructies in acht om besmetting
van voedsel te voorkomen:
NEDERLANDS 3
open de deur niet gedurende lange perioden;
reinig regelmatig oppervlakken die in contact
kunnen komen met voedsel en toegankelijke
afwateringssystemen;
bewaar rauw vlees en vis in geschikte recipiënten in
de koelkast, zodat het niet in contact komt met of
druppelt op andere levensmiddelen.
WAARSCHUWING: Houd de ventilatieopeningen altijd
vrij van obstructies; dit geldt zowel voor losstaande als
ingebouwde modellen.
WAARSCHUWING: Gebruik geen mechanische of
andere middelen om het ontdooiproces te versnellen,
behalve die middelen die door de fabrikant zijn
aanbevolen.
WAARSCHUWING: Let op dat u het koelcircuit niet
beschadigt.
WAARSCHUWING: Gebruik geen elektrische
apparaten in de koelkast, tenzij deze door de fabrikant
worden aanbevolen.
Gebruik geen waterstralen en stoom om het apparaat
te reinigen.
Maak het apparaat schoon met een vochtige zachte
doek. Gebruik alleen neutrale schoonmaakmiddelen.
Gebruik geen schuurmiddelen, schuursponsjes,
oplosmiddelen of metalen voorwerpen.
Als het apparaat lange tijd leeg is, schakel het dan uit,
ontdooi, reinig en droog het en laat de deur open om
te voorkomen dat er schimmel in het apparaat
ontstaat.
Bewaar geen explosieve stoffen zoals spuitbussen
met een ontvlambaar drijfgas in dit apparaat.
Als de voedingskabel beschadigd is, moet de
fabrikant, een erkende serviceverlener of een
gekwalificeerd persoon deze vervangen teneinde
gevaarlijke situaties te voorkomen.
www.aeg.com4
2. VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN
2.1 Installatie
WAARSCHUWING!
Alleen een erkende
installatietechnicus mag het
apparaat installeren.
Verwijder alle verpakkingsmaterialen.
Installeer en gebruik geen beschadigd
apparaat.
Gebruik het apparaat niet voordat u
het in de ingebouwde structuur
installeert omwille van
veiligheidsredenen.
Volg de installatie-instructies die zijn
meegeleverd met het apparaat.
Pas altijd op bij verplaatsing van het
apparaat, want het is zwaar. Gebruik
altijd veiligheidshandschoenen en
gesloten schoeisel.
Zorg ervoor dat rond het apparaat
lucht kan circuleren.
Bij de eerste installatie of na het
omdraaien van de deur moet u
minstens 4 uur wachten voordat u het
apparaat op de stroom aansluit.
Hierdoor kan de olie terug in de
compressor stromen.
Trek de stekker uit het stopcontact
voordat u handelingen aan het
apparaat uitvoert (bijv. het omdraaien
van de deur).
Installeer het apparaat niet in de
nabijheid van radiatoren, fornuizen,
ovens of kookplaten.
Stel het apparaat niet bloot aan
regen.
Installeer het apparaat niet op een
plaats met direct zonlicht.
Installeer dit apparaat niet in ruimtes
die te vochtig of te koud zijn.
Til de voorkant van het apparaat op
als u hem wilt verplaatsen, om
krassen op de vloer te voorkomen.
Het apparaat bevat een zakje
droogmiddel. Dit is geen speelgoed.
Dit is geen levensmiddel. Gooi het
onmiddellijk weg.
2.2 Aansluiting op het
elektriciteitsnet
WAARSCHUWING!
Gevaar voor brand en
elektrische schokken.
WAARSCHUWING!
Zorg er bij het plaatsen van
het apparaat voor dat het
stroomsnoer niet klem zit of
wordt beschadigd.
WAARSCHUWING!
Gebruik geen
meerwegstekkers en
verlengsnoeren.
Dit apparaat moet worden
aangesloten op een geaard
stopcontact.
Zorg ervoor dat de parameters op het
vermogensplaatje overeenkomen met
elektrische vermogen van de
netstroom.
Gebruik altijd een juist geïnstalleerd
schokbestendig stopcontact.
Zorg dat u de elektrische onderdelen
(hoofdstekker, kabel, compressor)
niet beschadigt. Neem contact met de
erkende servicedienst of een
elektricien om de elektrische
onderdelen te wijzigen.
De stroomkabel moet lager blijven
dan het niveau van de stopcontact.
Steek de stekker pas in het
stopcontact als de installatie is
voltooid. Zorg ervoor dat het netsnoer
na installatie bereikbaar is.
Trek niet aan het netsnoer om het
apparaat los te koppelen. Trek altijd
aan de stekker.
2.3 Gebruik
WAARSCHUWING!
Gevaar op letsel,
brandwonden of elektrische
schokken.
Het apparaat bevat ontvlambaar
gas, isobutaan (R600a), een aardgas
NEDERLANDS 5
met een hoge ecologische compatibiliteit.
Zorg ervoor dat u het koelcircuit dat
isobutaan bevat, niet beschadigt.
De specificatie van dit apparaat niet
wijzigen.
Plaats geen elektrische apparaten
(bijv. ijsmachines) in het apparaat
tenzij uitdrukkelijk geschikt verklaard
door de fabrikant.
Als er schade aan het koelcircuit
optreedt, zorg er dan voor dat er zich
geen vlammen en andere
ontstekingsbronnen in de kamer
bevinden. Lucht de ruimte indien dit
gebeurt.
Zet geen hete items op de
kunststofonderdelen van het
apparaat.
Plaats geen koolzuurhoudende
dranken in het vriesvak. Dit zal extra
druk in de drankfles veroorzaken.
Bewaar geen ontvlambare gassen en
vloeistoffen in het apparaat.
Plaats geen ontvlambare producten of
items die vochtig zijn door
ontvlambare producten in, bij of op
het apparaat.
Raak de compressor of condensator
niet aan. Ze zijn heet.
Zorg ervoor dat u nooit met natte of
vochtige handen items uit het vriesvak
verwijderd of aanraakt.
Vries ontdooide voedingswaren nooit
opnieuw in.
Bewaar de voedingswaren volgens de
instructies op de verpakking.
Wikkel het voedsel in eender welk
contactmateriaal voor voedsel
alvorens het in het vriesvak te
plaatsen.
2.4 Binnenverlichting
WAARSCHUWING!
Gevaar voor elektrische
schokken.
Met betrekking tot de lamp(en) in dit
product en reservelampen die
afzonderlijk worden verkocht: Deze
lampen zijn bedoeld om bestand te
zijn tegen extreme fysieke
omstandigheden in huishoudelijke
apparaten, zoals temperatuur,
trillingen, vochtigheid, of zijn bedoeld
om informatie te geven over de
operationele status van het apparaat.
Ze zijn niet bedoeld voor gebruik in
andere toepassingen en zijn niet
geschikt voor verlichting in
huishoudelijke ruimten.
2.5 Onderhoud en reiniging
WAARSCHUWING!
Gevaar voor letsel of schade
aan het apparaat.
Schakel het apparaat uit en trek de
stekker uit het stopcontact voordat u
onderhoudshandelingen verricht.
Het koelcircuit van dit apparaat bevat
koolwaterstoffen. Enkel bevoegde
personen mogen de eenheid
onderhouden en herladen.
Controleer regelmatig de afvoer van
het apparaat en reinig het indien
nodig. Indien de afvoer verstopt is, zal
er water op de bodem van het
apparaat liggen.
2.6 Service
Neem contact op met de erkende
servicedienst voor reparatie van het
apparaat. Gebruik uitsluitend originele
reserveonderdelen.
Houd er rekening mee dat
zelfreparatie of niet-professionele
reparatie gevolgen kan hebben voor
de veiligheid en de garantie kan doen
vervallen.
De volgende reserveonderdelen zijn
beschikbaar gedurende 7 jaar nadat
het model is stopgezet: thermostaten,
temperatuursensoren, printplaten,
lichtbronnen, deurklinken,
deurscharnieren, trays en manden.
Houd er rekening mee dat sommige
van deze reserveonderdelen alleen
beschikbaar zijn voor professionele
reparateurs en dat niet alle
reserveonderdelen relevant zijn voor
alle modellen.
Deurpakkingen zijn beschikbaar tot 10
jaar nadat het model is stopgezet.
2.7 Verwijdering
WAARSCHUWING!
Gevaar voor letsel of
verstikking.
www.aeg.com6
Haal de stekker uit het stopcontact.
Snij het netsnoer van het apparaat af
en gooi dit weg.
Verwijder de deur om te voorkomen
dat kinderen en huisdieren opgesloten
raken in het apparaat.
Het koelcircuit en de
isolatiematerialen van dit apparaat
zijn ozonvriendelijk.
Het isolatieschuim bevat ontvlambare
gassen. Neem contact met uw
plaatselijke overheid voor informatie
m.b.t. correcte afvalverwerking van
het apparaat.
Veroorzaak geen schade aan het deel
van de koeleenheid dat zich naast de
warmtewisselaar bevindt.
3. INSTALLATIE
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken
Veiligheid.
WAARSCHUWING!
Raadpleeg het installatie-
instructiedocument om uw
apparaat te installeren.
WAARSCHUWING!
Zet het apparaat vast in
overeenstemming met de
installatie-instructies om een
risico op instabiliteit van het
apparaat te voorkomen.
3.1 Afmetingen
B
A
H1
W1
D1
W2
D2
W3
D3
9
NEDERLANDS 7
Totale afnmetingen ¹
H1 mm 1884
W1 mm 548
D1 mm 549
¹ de hoogte, breedte en diepte van het
apparaat zonder de handgreep en de
voeten
Benodigde ruimte in gebruik ²
H2 (A+B) mm 1936
W2 mm 548
D2 mm 551
A mm 1894
B mm 36
² de hoogte, breedte en diepte van het
apparaat inclusief de handgreep, plus de
ruimte die nodig is voor de vrije circulatie
van de koellucht
Totale benodigde ruimte in gebruik ³
H3 (A+B) mm 1936
W3 mm 548
D3 mm 1071
³ de hoogte, breedte en diepte van het
apparaat inclusief de handgreep, plus de
ruimte die nodig is voor de vrije circulatie
van de koellucht, plus de ruimte die
nodig is om de deur te openen tot de
minimale hoek waardoor alle interne
apparatuur kan worden verwijderd
3.2 Locatie
Installeer het apparaat niet in de buurt
van een warmtebron (oven, kachels,
radiatoren, fornuizen of kookplaten) of op
een plek met direct zonlicht om de beste
functionaliteit van het apparaat te
garanderen. Zorg ervoor dat lucht vrij
kan circuleren rond de achterkant van de
kast.
3.3 Positionering
Dit apparaat moet in een droge, goed
geventileerde positie binnenshuis
worden geïnstalleerd.
Dit apparaat is bedoeld voor gebruik bij
een omgevingstemperatuur variërend
van 10°C tot 43°C.
De juiste werking van het
apparaat kan enkel
gegarandeerd worden als
het opgegeven
temperatuurbereik wordt
gerespecteerd.
Als u twijfels hebt over waar
het apparaat te installeren,
raadpleeg dan de verkoper,
de klantenservice of de
dichstsbijzijnde erkende
servicedienst.
Het moet mogelijk zijn het
apparaat van de
hoofdstroomtoevoer af te
halen. De stekker moet
daarom na installatie
gemakkelijk toegankelijk zijn.
3.4 Elektrische aansluiting
Zorg er vóór het aansluiten voor dat
het voltage en de frequentie op het
typeplaatje overeenkomen met de
stroomtoevoer in uw huis.
Dit apparaat moet worden
aangesloten op een geaard
stopcontact. De netsnoerstekker is
voorzien van een contact voor dit
doel. Als het stopcontact niet geaard
is, sluit het apparaat dan aan op een
afzonderlijk aardepunt, in
overeenstemming met de geldende
regels. Raadpleeg hiervoor een
gekwalificeerd elektricien.
De fabrikant kan niet aansprakelijk
gesteld worden als bovenstaande
veiligheidsvoorschriften niet
opgevolgd worden.
Dit apparaat voldoet aan de EEG -
richtlijnen.
www.aeg.com8
3.5 Ventilatievereisten
De luchtcirculatie achter het apparaat
moet voldoende zijn.
5 cm
min.
200 cm
2
min.
200 cm
2
LET OP!
Raadpleeg de installatie-
instructies voor de installatie.
3.6 Omkeerbaarheid van de
deur
Raadpleeg het afzonderlijke document
met instructies voor installatie en
omdraaien van de deur.
LET OP!
Bedek tijdens iedere fase
van het omdraaien van de
deur de vloer met een
duurzaam materiaal om
krassen te voorkomen.
4. BEDIENINGSPANEEL
5
1
678 4 3 2
1
Display
2
Toets om de temperatuur van de
vriezer hoger te zetten
3
Toets om de temperatuur van de
vriezer lager te zetten
4
OK
5
Mode
6
Toets om de temperatuur van de
koelkast hoger te zetten
7
Toets om de temperatuur van de
koelkast lager te zetten
8
ON/OFF
Het is mogelijk om het vooraf ingestelde
geluid van toetsen te wijzigen door de
Mode-toets en de toets om de
temperatuur kouder te zetten,
tegelijkertijd gedurende enkele seconden
in te drukken. U kunt deze wijziging
ongedaan maken.
4.1 Display
Off
min
A B C D E F G
I HJKL
A. Indicatielampje koelvak
B. Indicatielampje timer
/Indicatielampje temperatuur
C. ON/OFF -lampje
D. Coolmatic -functie
E. Holiday -modus
F. Frostmatic -functie
G. Indicatielampje temperatuur
H. Indicatie vriesvak
I. Alarmlampje
NEDERLANDS 9
J. ChildLock -functie
K. DrinksChill -functie
L. DYNAMICAIR -functie
4.2 Inschakelen
1. Steek de stekker in het stopcontact.
2. Druk op de ON/OFF-toets van het
apparaat als het display uit is. Het
temperatuurlampje toont de
ingestelde standaardtemperatuur.
Zie 'Temperatuurregeling' om een andere
temperatuur in te stellen.
Zie als "dEMo" op het display verschijnt
het hoofdstuk 'Problemen oplossen'.
4.3 Uitschakelen
1. Druk de ON/OFF-toets van het
apparaat gedurende 3 seconden in.
Het display wordt uitgeschakeld.
2. Trek de stekker uit het stopcontact.
4.4 Temperatuurregeling
Stel de temperatuur van het apparaat in
door op de temperatuurregelaren te
drukken.
Standaard aanbevolen ingestelde
temperatuur is:
+4°C voor de koelkast
-18°C voor de vriezer
Het temperatuurbereik kan variëren
tussen -15°C en -24°C voor de vriezer en
tussen 2°C en 8°C voor de koelkast.
De temperatuurweergave toont de
ingestelde temperatuur.
De ingestelde temperatuur
zal binnen 24 uur worden
bereikt.
Na een stroomonderbreking
blijft de ingestelde
temperatuur opgeslagen.
4.5 De koelkast inschakelen
Om de koelkast aan te zetten, drukt u
gewoon op de temperatuurregelaar van
de koelkast. Om de koelkast op de
andere manier in te schakelen:
1. Druk op Mode tot het bijbehorende
pictogram verschijnt.
Het lampje OFF van de koelkast
knippert.
2. Druk op OK om te bevestigen.
Het lampje OFF van de koelkast gaat uit
en het lampje van het koelvak wordt
uitgeschakeld.
Zie 'Temperatuurregeling'
om een andere temperatuur
in te stellen.
4.6 De koelkast uitschakelen
Het is mogelijk om alleen het koelvak uit
te schakelen en de vriezer ingeschakeld
te houden.
1. Druk op Mode totdat de indicator van
het koelvak verschijnt.
Het lampje OFF van de koelkast en het
lampje van het koelvak knipperen.
Het temperatuurlampje van de koelkast
toont streepjes.
2. Druk op OK om te bevestigen.
Het lampje OFF van de koelkast en het
lampje van het koelvak zijn
uitgeschakeld.
4.7 Coolmatic -functie
Als u een grote hoeveelheid warm
voedsel, bijvoorbeeld na het doen van de
boodschappen, in de koelkast wilt
plaatsen, adviseren wij u de Coolmatic in
te schakelen om deze producten sneller
te koelen en om te voorkomen dat
voedsel dat al in de koelkast ligt, warm
wordt.
1. Druk op Mode tot het bijbehorende
pictogram verschijnt.
Het Coolmatic-lampje knippert.
2. Druk op OK om te bevestigen.
Het Coolmatic-lampje wordt getoond. De
ventilator wordt automatisch geactiveerd
voor de functieduur.
Deze functie stopt automatisch na
ongeveer 6 uur.
U kunt de functie Coolmatic uitschakelen
voordat deze automatisch wordt
beëindigd door de procedure te herhalen
of door een andere ingestelde
koelkasttemperatuur te selecteren.
www.aeg.com10
4.8 Holiday -modus
In deze modus kunt u het koelvak leeg
houden tijdens een lange
vakantieperiode, waardoor er minder
vieze luchtjes ontstaan, terwijl het
vriesvak normaal kan werken.
1. Druk op Mode tot het bijbehorende
pictogram verschijnt.
Het Holiday-lampje knippert. Het
temperatuurlampje toont de ingestelde
temperatuur.
2. Druk op OK om te bevestigen.
Het Holiday-lampje wordt getoond.
Deze stand schakelt uit na
een andere temperatuur te
hebben gekozen.
4.9 Frostmatic -functie
De Frostmatic wordt gebruikt voor het
voorvriezen en snel invriezen in volgorde
van het vriesvak. Deze functie versnelt
het invriezen van vers voedsel en
beschermt voedsel dat reeds is
geconserveerd tegen ongewenste
opwarming.
Activeer om vers voedsel in
te vriezen de Frostmatic-
functie ten minste 24 uur
voordat u het voedsel erin
plaatst om het voorvriezen te
voltooien.
1. Druk om deze functie aan te zetten
op de knop Mode tot het
bijbehorende pictogram verschijnt.
Het Frostmatic-lampje knippert.
2. Druk op de OK-knop om te
bevestigen.
Het Frostmatic-lampje wordt getoond.
Deze functie stopt automatisch na 52
uur.
U kunt de functie Frostmatic uitschakelen
voordat deze automatisch wordt
beëindigd door de procedure te herhalen
totdat het Frostmatic-lampje uit gaat of
door een andere ingestelde temperatuur
te selecteren.
4.10 DYNAMICAIR -functie
Het koelvak is voorzien van een
apparaat dat snelle koeling van voedsel
mogelijk maakt en zorgt voor een
gelijkmatigere temperatuur in het vak.
Dit apparaat wordt automatisch
geactiveerd wanneer dat nodig is of
wordt handmatig geactiveerd.
Om de functie aan te zetten:
1. Druk op de Mode-knop tot het
bijbehorende pictogram verschijnt.
Het DYNAMICAIR-lampje knippert.
2. Druk op de OK-knop om te
bevestigen.
Het DYNAMICAIR-lampje wordt
getoond.
Om de functie uit te schakelen, herhaalt
u de procedure totdat het bijbehorende
pictogram DYNAMICAIR uit gaat.
Als de functie automatisch
wordt geactiveerd, wordt het
DYNAMICAIR-
indicatielampje niet
weergegeven (zie "Dagelijks
gebruik").
Het activeren van de functie
DYNAMICAIR verhoogt het
energieverbruik.
Het dynamisch luchtapparaat stopt als
de deur open is en start onmiddellijk
opnieuw nadat de deur is gesloten.
4.11 ChildLock -functie
Activeer de functie ChildLock om de
bediening van de knoppen te
vergrendelen tegen onbedoelde
bediening.
1. Druk op Mode tot het bijbehorende
pictogram verschijnt.
Het ChildLock-lampje knippert.
2. Druk op OK om te bevestigen.
Het ChildLock-lampje wordt getoond.
Om de functie ChildLock uit te
schakelen, herhaalt u de procedure
totdat het bijbehorende lampje ChildLock
uit gaat.
4.12 DrinksChill -functie
De DrinksChill-functie moet worden
gebruikt om een geluidsalarm op de
gewenste tijd in te stellen. Dit is
bijvoorbeeld handig als in een recept
NEDERLANDS 11
staat dat producten een bepaalde tijd
moet afkoelen.
Deze functie is ook handig als u eraan
moet worden herinnerd dat u flessen of
blikken in de vriezer hebt gelegd om snel
af te koelen.
1. Druk op Mode tot het bijbehorende
pictogram verschijnt.
Het DrinksChill-lampje knippert.
De Timer toont gedurende enkele
seconden de ingestelde waarde (30
minuten).
2. Druk op de timertoets om de waarde
van de timer te wijzigen van 1 tot 90
minuten.
3. Druk op OK om te bevestigen.
Het DrinksChill-lampje wordt getoond.
De timer begint (min) te knipperen.
Op het einde van de aftelling knippert het
lampje "0 min" en klinkt een alarm. Druk
op de OK om het geluid uit te schakelen
en de functie te beëindigen.
Om de functie uit te schakelen, herhaalt
u de procedure totdat DrinksChill uit
gaat.
Het is mogelijk om te allen
tijde tijdens het aftellen en
voor het einde van de
ingestelde tijd, de tijd te
veranderen door op de toets
voor het lager zetten van de
temperatuur en op de toets
voor het hoger zetten van de
temperatuur te drukken.
4.13 Alarm bij hoge
temperatuur
Bij een temperatuurstijging in het
vriesvak (bijvoorbeeld door een eerdere
stroomstoring) knipperen de alarm- en
vriestemperatuurindicatoren en gaat het
geluid aan.
Om het alarm uit te schakelen:
1. Druk op een willekeurige toets.
Het geluid wordt uitgeschakeld.
2. De temperatuurweergave van de
vriezer toont de hoogste temperatuur
gedurende een aantal seconden en
vervolgens geeft het display de
ingestelde temperatuur opnieuw
weer.
Het alarmindicatielampje
blijft knipperen totdat de
normale omstandigheden
zijn hersteld.
Als u geen knop indrukt,
schakelt het geluid na
ongeveer een uur
automatisch uit om storingen
te voorkomen.
4.14 Alarm bij open deur
Als de deur van de koelkast gedurende
ongeveer 5 minuten open blijft staan,
klinkt er een geluid en gaat het alarm-
controlelampje knipperen.
Het alarm stop als de deur wordt
gesloten. Tijdens het alarm kan het
geluid worden gedempt door op een
willekeurige knop te drukken.
Als u geen knop indrukt,
schakelt het geluid na
ongeveer een uur
automatisch uit om storingen
te voorkomen.
5. DAGELIJKS GEBRUIK
5.1 Plaatsen van
deurschappen
De deur van dit apparaat is uitgerust met
groeven zodat schappen/doosjes naar
eigen voorkeur kunnen worden
geordend.
Plaatsen van de deurschappen/-doosjes:
1. Trek het schap/doosje geleidelijk in
de richting van de pijlen totdat het los
komt.
2. Plaats het schap/doosje op de
gewenste positie en steek het
voorzichtig in de groef.
www.aeg.com12
1
1
2
5.2 Verplaatsbare schappen
De wanden van de koelkast zijn voorzien
van een aantal glijschoenen zodat de
schappen op de gewenste plaats gezet
kunnen worden.
Dit apparaat is ook uitgerust met een
legrek dat uit twee delen bestaat. De
voorste helft van het legrek kan onder de
andere helft worden geplaatst om de
ruimte beter te kunnen gebruiken.
Inklappen van het legrek:
1. Neem het halve deel er voorzichtig
uit.
2. Schuif het in de onderliggende
geleider en onder de andere helft.
1
2
Verwijder de glasplaat boven
de groentelade niet om een
goede luchtcirculatie te
garanderen.
5.3 Groentelade
De lade is geschikt voor het opbergen
van fruit en groente.
Verwijder de lade (bijv. om schoon te
maken):
1. Trek de lade eruit en til hem op.
2. Duw de rails in de kast om schade
aan het apparaat te voorkomen bij
het sluiten van de deur.
Om weer in elkaar te zetten:
1. Trek de rails eruit.
NEDERLANDS 13
2. Plaats het achterste deel van de lade
(1) op de rails.
2
1
3. Houd de voorkant van de lade (2)
omhoog terwijl u de lade naar binnen
duwt.
4. Druk het voorste deel van de lade
naar beneden.
Trek de lade er weer uit en
controleer of deze correct op
zowel de achterste als de
voorste haken is geplaatst.
5.4 Indicatielampje
temperatuur
Voor de juiste bewaring van het voedsel
is de koelkast uitgerust met een
temperatuurlampje. Het symbool op de
zijkant van het apparaat duidt het
koudste deel van de koelkast aan.
Als OK wordt weergegeven (A), breng
dan vers voedsel naar een zone die is
aangegeven met een symbool, zo niet
(B), wacht dan ten minste 12 uur en
controleer of het OK is (A).
Als het nog steeds niet OK is (B), stelt u
de instellingsregeling in op een koudere
stand.
5.5 DYNAMICAIR
Het koelvak is voorzien van een
apparaat dat snelle koeling van voedsel
mogelijk maakt en zorgt voor een
gelijkmatigere temperatuur in het vak.
Dit apparaat wordt automatisch
geactiveerd wanneer dat nodig is.
Het is ook mogelijk om het apparaat
handmatig in te schakelen indien nodig
(zie “DYNAMICAIR functie”).
De ventilator werkt alleen als
de deur gesloten is.
5.6 Vers voedsel invriezen
Het vriesvak is geschikt voor het
invriezen van vers voedsel en om
diepvriesvoedsel langere tijd te bewaren.
Activeer om vers voedsel in te vriezen de
Frostmatic-functie ten minste 24 uur
voordat u het in te vriezen voedsel in het
vriesvak legt.
Bewaar het verse voedsel gelijkmatig
verdeeld in het derde vak of de derde
lade vanaf de bovenkant.
De maximale hoeveelheid
levensmiddelen die kunnen worden
ingevroren zonder andere verse
levensmiddelen toe te voegen,
gedurende 24 uur, staat aangegeven op
het typeplaatje (een label dat zich aan de
binnenkant van het apparaat bevindt).
Wanneer het invriesproces is voltooid,
keert het apparaat automatisch terug
naar de vorige temperatuurinstelling (zie
"Frostmatic-functie").
www.aeg.com14
5.7 Het bewaren van
ingevroren voedsel
Als u het apparaat voor het eerst of na
een periode dat het niet is gebruikt
inschakelt, dient u voordat u de
producten in het vak legt het apparaat
minstens 3 uur te laten werken met de
Frostmatic-functie ingeschakeld.
De vriesladen zorgen ervoor dat u het
voedselpakket dat u wenst, snel en
makkelijk kan vinden. Indien grote
hoeveelheden voedsel moeten worden
bewaard, verwijder dan alle lades
behalve de onderste lade die nodig is
voor een goede luchtcirculatie.
Leg het voedsel op minstens 15 mm
afstand van de deur.
LET OP!
In het geval van onbedoelde
ontdooiing, bijvoorbeeld als
de stroom langer is
uitgevallen dan de duur die
op het typeplaatje "tijdsduur"
is vermeld, moeten
ontdooide etenswaren snel
geconsumeerd worden of
onmiddellijk bereid worden,
afgekoeld en opnieuw
worden ingevroren. Zie
'Alarm hoge temperatuur'.
5.8 Ontdooien
Diepgevroren of gevroren voedsel kan,
voordat het wordt geconsumeerd,
worden ontdooid in de koelkast of in een
plastic zak onder koud water.
Deze handeling is afhankelijk van de
beschikbare tijd en het soort voedsel.
Kleine stukjes kunnen zelfs nog bevroren
gekookt worden.
5.9 Het maken van ijsblokjes
Dit apparaat is uitgerust met een of meer
bladen voor het maken van ijsblokjes.
Gebruik geen metalen
instrumenten om de laden
uit de vriezer te halen.
1. Vul de bakjes met water.
2. Zet de ijsbakjes in het vriesvak.
5.10 Koude-accumulatoren
De vriezer beschikt over koude-
accumulatoren die de opslagduur
verlengen in het geval van een defect of
stroomstoring.
Om een optimale werking van de
accumulatoren te waarborgen, plaats u
deze in het voorste bovenste gedeelte
van het apparaat.
6. AANWIJZINGEN EN TIPS
6.1 Tips voor
energiebesparing
Vriezer: De interne configuratie van
het apparaat zorgt voor het meest
efficiënte energiegebruik.
Koelkast: Het meest efficiënte gebruik
van energie is verzekerd in de
configuratie met de lades in het
onderste deel van het apparaat en
met de rekken gelijkmatig verdeeld.
De positie van de deurbakken heeft
geen invloed op het energieverbruik.
Verwijder de koelelementen niet uit de
vriesmand.
De deur niet vaker openen of open
laten staan dan noodzakelijk.
Vriezer: Hoe kouder de
temperatuurinstelling, hoe hoger het
energieverbruik.
Koelkast: Stel de temperatuur niet te
hoog in om energie te besparen,
tenzij de kenmerken van het voedsel
dit vereisen.
Als de omgevingstemperatuur hoog
is, de temperatuurregeling op een
lage temperatuur staat en het
apparaat volledig gevuld is, kan de
compressor continu aan staan
waardoor er ijs op de verdamper
ontstaat. Stel in dit geval de
temperatuurregeling in op een hogere
temperatuur om automatisch
ontdooien mogelijk te maken en zo
energie te besparen.
Zorg voor een goede ventilatie. Dek
de ventilatieroosters of -gaten niet af.
Zorg ervoor dat voedingsmiddelen in
het apparaat lucht door speciale
NEDERLANDS 15
gaten in de achterzijde van het
apparaat laten circuleren.
6.2 Tips voor het invriezen
Activeer de Frostmatic-functie ten
minste 24 uur voordat u het voedsel in
het vriesvak legt.
Vóór het invriezen verpakken en
verzegelen van vers voedsel in:
aluminiumfolie, plastic folie of zakken,
luchtdichte containers met deksel.
Verdeel voor efficiënter invriezen en
ontdooien het voedsel in kleine
porties.
Het wordt aanbevolen om etiketten en
datums op al uw diepvriesproducten
te plakken. Dit zal helpen
voedingsmiddelen te identificeren en
te weten wanneer ze moeten worden
gebruikt voordat ze bederven.
Het voedsel moet vers zijn wanneer
het wordt ingevroren om een goede
kwaliteit te behouden. Vooral
groenten en fruit moeten na de oogst
worden ingevroren om al hun
voedingsstoffen te behouden.
Flessen of blikken met vloeistoffen
niet invriezen, in het bijzonder
dranken die kooldioxide bevatten - ze
kunnen exploderen tijdens het
invriezen.
Plaats geen warm voedsel in het
koelvak. Koel het af bij
kamertemperatuur voordat u het in
het vak plaatst.
Om te voorkomen dat de temperatuur
van al ingevroren voedsel toeneemt,
dient u vers voedsel hier niet direct
naast te plaatsen. Plaats voedsel op
kamertemperatuur in het deel van het
vriesvak waar geen bevroren voedsel
is.
IJsblokjes, ingevroren water of
waterijsjes niet meteen nadat ze uit
de vriezer zijn gehaald opeten.
Gevaar voor bevriezing.
Ontdooid voedsel niet opnieuw
invriezen. Als het voedsel ontdooid is,
kook het dan, koel het af en vries het
dan in.
6.3 Tips voor het bewaren
van ingevroren voedsel
Een goede temperatuurinstelling die
de conservering van ingevroren
voedsel garandeert is een
temperatuur lager dan of gelijk aan
-18°C.
Een hogere temperatuurinstelling in
het apparaat kan leiden tot een
kortere houdbaarheid.
Het hele vriesvak is geschikt voor de
opslag van diepvriesproducten.
Laat voldoende ruimte rond het
voedsel om de lucht vrij te laten
circuleren.
Raadpleeg voor adequate opslag het
etiket van de voedselverpakking om
de houdbaarheid van voedsel te
bekijken.
Het is belangrijk om het voedsel
zodanig in te pakken dat er geen
water, vocht of condensatie in kan
komen.
6.4 Winkeltips
Na het boodschappen doen:
Zorg ervoor dat de verpakking niet
beschadigd is - het voedsel kan
bedorven zijn. Als de verpakking
gezwollen of nat is, is deze mogelijk
niet in de optimale omstandigheden
opgeslagen en is het ontdooien
mogelijk al begonnen.
Om het ontdooiproces te beperken,
koopt u diepvriesproducten aan het
einde van uw boodschappen en
vervoert u ze in een thermische en
geïsoleerde koeltas.
Plaats de diepvriesproducten
onmiddellijk na terugkomst uit de
winkel in de vriezer.
Als voedsel zelfs gedeeltelijk ontdooid
is, mag u het niet opnieuw invriezen.
Consumeer het zo snel mogelijk.
Respecteer de vervaldatum en de
bewaarinformatie op de verpakking.
www.aeg.com16
6.5 Houdbaarheid voor vriesvak
Soort gerecht Houdbaarheid (maan‐
den)
Brood 3
Fruit (met uitzondering van citrusvruchten) 6 - 12
Groenten 8 - 10
Restjes zonder vlees 1 - 2
Zuivelproducten:
Boter
Zachte kaas (bijv. mozzarella)
Harde kaas (bijv. parmezaanse kaas, cheddar)
6 - 9
3 - 4
6
Vis/Zeevruchten:
Vette vis (bv. zalm, makreel)
Magere vis (bv. kabeljauw, bot)
Garnalen
Schelpdieren en mosselen
Gekookte vis
2 - 3
4 - 6
12
3 - 4
1 - 2
Vlees:
Gevogelte
Rundvlees
Varkensvlees
Lamsvlees
Worst
Ham
Restjes met vlees
9 - 12
6 - 12
4 - 6
6 - 9
1 - 2
1 - 2
2 - 3
6.6 Tips voor het koelen van
vers voedsel
Een goede temperatuurinstelling die
de conservering van vers voedsel
garandeert is een temperatuur lager
dan of gelijk aan +4°C.
Een hogere temperatuurinstelling in
het apparaat kan leiden tot een
kortere houdbaarheid van voedsel.
Bedek het voedsel met een
verpakking om de versheid en het
aroma te behouden.
Gebruik altijd gesloten containers
voor vloeistoffen en voor voedsel, om
smaken of geuren in het vak te
voorkomen.
Om kruisbesmetting tussen gekookt
en rauw voedsel te voorkomen,
bedekt u het gekookte voedsel en
scheidt u het van het rauwe.
Het wordt aanbevolen om het voedsel
in de koelkast te ontdooien.
Plaats geen warm voedsel in het
apparaat. Zorg ervoor dat het is
afgekoeld bij kamertemperatuur
voordat u het in het apparaat plaatst.
Om voedselverspilling te voorkomen
moet de nieuwe voorraad voedsel
altijd achter de oude worden
geplaatst.
6.7 Tips voor het koelen van
voedsel
Vlees (alle soorten): in plastic zakken
verpakken en op het glazen schap
leggen, boven de groentelade.
Bewaar vlees maximaal 1-2 dagen.
NEDERLANDS 17
Groenten en fruit: grondig reinigen
(grond verwijderen) en in een speciale
lade (groentelade) plaatsen.
Het is raadzaam om exotische
vruchten zoals bananen, mango's,
papaja's, etc. niet in de koelkast te
bewaren.
Groenten zoals tomaten,
aardappelen, uien en knoflook mogen
niet in de koelkast worden bewaard.
Boter en kaas: in een luchtdicht bakje
leggen of in aluminiumfolie of plastic
zakjes wikkelen om zoveel mogelijk
lucht uit te sluiten.
Flessen: afsluiten met een dop en in
de deur plaatsen of (indien
beschikbaar) in het flessenrek.
Om de koeling van de goederen te
versnellen, is het raadzaam om de
ventilator aan te zetten. De activering
van dynamische lucht maakt een
grotere homogenisatie van de interne
temperaturen mogelijk.
Raadpleeg altijd de vervaldatum van
de producten om te weten hoelang ze
bewaard kunnen worden.
7. ONDERHOUD EN REINIGING
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken
Veiligheid.
7.1 De binnenkant
schoonmaken
Voordat u het apparaat voor de eerste
keer gebruikt, wast u de binnenkant en
de interne accessoires met lauwwarm
water en een beetje neutrale zeep om de
typische geur van een nieuw product
weg te nemen. Droog daarna grondig af.
LET OP!
Gebruik geen
reinigingsmiddelen,
schuurpoeders, chloor of
reinigers op oliebasis. Deze
beschadigen de afwerking.
LET OP!
De toebehoren en
onderdelen van het apparaat
zijn niet geschikt om in een
afwasmachine gewassen te
worden.
7.2 Periodieke reiniging
Het apparaat moet regelmatig worden
schoongemaakt:
1. Maak de binnenkant en de
accessoires schoon met lauw water
en wat neutrale zeep.
2. Controleer de afdichtingen
regelmatig en wrijf ze schoon om u
ervan te verzekeren dat ze schoon
en vrij van resten zijn.
3. Afspoelen en goed afdrogen.
7.3 Het ontdooien van de
koelkast
Rijp wordt tijdens normaal gebruik
automatisch van de verdamper van het
koelvak verwijderd. Het dooiwater loopt
via een gootje in een speciale
opvangbak aan de achterkant van het
apparaat, boven de compressormotor,
waar het verdampt.
Het is belangrijk om het afvoergaatje van
het dooiwater in het midden van het
koelvak regelmatig schoon te maken om
te voorkomen dat het water overloopt en
op het voedsel in de koelkast gaat
druppelen.
Gebruik hiervoor de buisreiniger die werd
meegeleverd met het apparaat.
www.aeg.com18
7.4 De vriezer ontdooien
Het vriesvak is vorstvrij. Dit betekent dat
er geen rijp gevormd wordt als het
vriesvak werkt, noch op de
binnenwanden, noch op het voedsel.
7.5 Periode dat het apparaat
niet gebruikt wordt
Neem de volgende
voorzorgsmaatregelen als het apparaat
gedurende lange tijd niet gebruikt wordt:
1. Trek de stekker uit het stopcontact.
2. Verwijder al het voedsel
3. Maak het apparaat en alle
toebehoren schoon.
4. Laat de deuren open staan om
onaangename luchtjes te
voorkomen.
8. PROBLEEMOPLOSSING
WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken
Veiligheid.
8.1 Wat te doen in de volgende gevallen...
Probleem Mogelijke oorzaak Oplossing
Het apparaat werkt niet. Het apparaat is uitgescha‐
keld.
Schakel het apparaat in.
De stekker zit niet goed in
het stopcontact.
Steek de stekker goed in het
stopcontact.
Er staat geen spanning op
het stopcontact.
Sluit een ander elektrisch
apparaat op het stopcontact
aan. Bel een gekwalificeerd
elektricien.
Het apparaat maakt lawaai. Het apparaat is niet stevig
en stabiel geplaatst.
Controleer of het apparaat
stabiel staat.
Er is een hoorbaar of zicht‐
baar alarm.
De kast recent is ingescha‐
keld.
Zie "Deur open alarm" of
"Alarm hoge temperatuur".
De temperatuur in het appa‐
raat is te hoog.
Zie "Deur open alarm" of
"Alarm hoge temperatuur".
De deur is open gelaten. Sluit de deur.
De compressor werkt conti‐
nu.
De temperatuur is fout inge‐
steld.
Raadpleeg het hoofdstuk
'Bedieningspaneel'.
Er worden veel producten te‐
gelijk geplaatst.
Wacht een paar uur en con‐
troleer dan nogmaals de
temperatuur.
De kamertemperatuur is te
hoog.
Raadpleeg het hoofdstuk
“Installatie”.
NEDERLANDS 19
Probleem Mogelijke oorzaak Oplossing
Het voedsel dat in het appa‐
raat werd geplaatst, was te
warm.
Laat voedsel afkoelen tot ka‐
mertemperatuur voordat u
het opslaat.
De deur is niet goed geslo‐
ten.
Zie de rubriek over 'De deur
sluiten'.
De functie Frostmatic is in‐
geschakeld.
Zie de rubriek over "Frost‐
matic-functie".
De functie Coolmatic is inge‐
schakeld.
Zie de rubriek over "Coolma‐
tic-functie".
De compressor start niet on‐
middellijk na het drukken op
"Frostmatic" of "Coolmatic",
of na het veranderen van de
temperatuur.
De compressor start na eni‐
ge tijd.
Dit is normaal, er is geen
storing.
De deur is verkeerd uitge‐
lijnd of komt tegen het venti‐
latierooster aan.
Het apparaat staat niet wa‐
terpas.
Raadpleeg 'Installatie-in‐
structies'.
Deur gaat niet makkelijk
open.
U probeerde de deur na het
sluiten meteen weer te ope‐
nen.
Wacht een paar seconden
tussen het sluiten en weer
openen van de deur.
De lamp werkt niet. Het lampje staat in de stand-
by-stand.
Sluit en open de deur.
Het lampje is stuk. Neem contact op met de
dichtsbijzijnde klantenservi‐
ce.
Er is te veel vorst en ijs. De deur is niet goed geslo‐
ten.
Zie de rubriek over 'De deur
sluiten'.
De pakking is vervormd of
vuil.
Zie de rubriek over 'De deur
sluiten'.
De producten zijn niet op de
juiste wijze verpakt.
Pak de producten beter in.
De temperatuur is fout inge‐
steld.
Raadpleeg het hoofdstuk
'Bedieningspaneel'.
Apparaat is volledig geladen
en is ingesteld op de laagste
temperatuur.
Stel een hogere temperatuur
in. Raadpleeg het hoofdstuk
'Bedieningspaneel'.
De ingestelde temperatuur in
het apparaat is te laag en de
omgevingstemperatuur is te
hoog.
Stel een hogere temperatuur
in. Raadpleeg het hoofdstuk
'Bedieningspaneel'.
www.aeg.com20
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8
  • Page 9 9
  • Page 10 10
  • Page 11 11
  • Page 12 12
  • Page 13 13
  • Page 14 14
  • Page 15 15
  • Page 16 16
  • Page 17 17
  • Page 18 18
  • Page 19 19
  • Page 20 20
  • Page 21 21
  • Page 22 22
  • Page 23 23
  • Page 24 24
  • Page 25 25
  • Page 26 26
  • Page 27 27
  • Page 28 28
  • Page 29 29
  • Page 30 30
  • Page 31 31
  • Page 32 32
  • Page 33 33
  • Page 34 34
  • Page 35 35
  • Page 36 36
  • Page 37 37
  • Page 38 38
  • Page 39 39
  • Page 40 40
  • Page 41 41
  • Page 42 42
  • Page 43 43
  • Page 44 44
  • Page 45 45
  • Page 46 46
  • Page 47 47
  • Page 48 48
  • Page 49 49
  • Page 50 50
  • Page 51 51
  • Page 52 52
  • Page 53 53
  • Page 54 54
  • Page 55 55
  • Page 56 56
  • Page 57 57
  • Page 58 58
  • Page 59 59
  • Page 60 60
  • Page 61 61
  • Page 62 62
  • Page 63 63
  • Page 64 64
  • Page 65 65
  • Page 66 66
  • Page 67 67
  • Page 68 68
  • Page 69 69
  • Page 70 70
  • Page 71 71
  • Page 72 72
  • Page 73 73
  • Page 74 74
  • Page 75 75
  • Page 76 76

AEG SCE819E5TS Le manuel du propriétaire

Catégorie
Congélateurs
Taper
Le manuel du propriétaire