Zanussi ZCV660MW Manuel utilisateur

Taper
Manuel utilisateur
NL
Gebruiksaanwijzing 2
FR
Notice d'utilisation 19
Fornuis
Cuisinière
ZCV660M
Inhoud
Veiligheidsinformatie _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ 2
Beschrijving van het product _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ 5
Voor het eerste gebruik _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ 6
Kookplaat - Dagelijks gebruik _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ 6
Kookplaat - Handige aanwijzingen en tips _ _ _ _ _ _ 7
Kookplaat - Onderhoud en reiniging _ _ _ _ _ _ _ _ _ 8
Oven - Dagelijks gebruik _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ 8
Oven - Klokfuncties _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ 9
Oven - Handige aanwijzingen en tips _ _ _ _ _ _ _ _ 10
Oven - Onderhoud en reiniging _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ 15
Problemen oplossen _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ 16
Montage _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ 17
Milieubescherming _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ 18
Wijzigingen voorbehouden
Veiligheidsinformatie
Lees deze handleiding aandachtig door voordat u het ap-
paraat installeert of gebruikt:
Voor uw eigen veiligheid en de veiligheid van uw ei-
gendommen
Voor bescherming van het milieu
Voor de correcte bediening en werking van het appa-
raat.
Bewaar deze instructies altijd bij het apparaat, ook wan-
neer u het verplaatst of verkoopt.
De fabrikant is niet verantwoordelijk voor schade veroor-
zaakt door een foutieve installatie of foutief gebruik.
Veiligheid van kinderen en kwetsbare mensen
Dit apparaat kan worden gebruikt door kinderen van 8
jaar en ouder en door mensen met beperkte lichamelij-
ke, zintuiglijke of verstandelijke vermogens of een ge-
brek aan ervaring en kennis, indien zij onder toezicht
staan of instructies hebben gekregen over het veilig ge-
bruiken van het apparaat en indien zij de eventuele ge-
varen begrijpen. Kinderen mogen niet met het apparaat
spelen.
Houd alle verpakkingsmaterialen uit de buurt van kin-
deren. Gevaar voor verstikking of lichamelijk letsel.
Houd kinderen en dieren uit de buurt van het apparaat
als de deur openstaat of als het apparaat in gebruik is.
Gevaar voor letsel of ander permanent lichamelijk let-
sel.
Gebruik het kinderslot of de Key lock-functie als het
apparaat hiermee uitgerust is. Dit voorkomt dat kinde-
ren en dieren het apparaat per ongeluk aanzetten.
Algemene veiligheid
De specificaties van het apparaat mogen niet worden
veranderd. Risico op letsel en beschadiging van het
apparaat.
Laat het apparaat tijdens het gebruik niet onbeheerd
achter.
Schakel het apparaat na elk gebruik uit.
Montage
De afstellingsvoorwaarden voor dit apparaat worden op
het label weergegeven (of op het gegevensplaatje).
Alleen een bevoegd elektriciën mag het apparaat instal-
leren en aansluiten. Neem contact op met een erkend
servicecentrum. Dit om lichamelijk letsel of structurele
schade te voorkomen.
Controleer of het apparaat niet is beschadigd tijdens
het transport. Sluit geen beschadigd apparaat aan.
Neem indien nodig contact op met de leverancier.
Verwijder al het verpakkingsmateriaal, stickers en folie
van het apparaat voordat u het voor het eerst in gebruik
neemt. Verwijder niet het typeplaatje. Dit kan de garan-
tie ongeldig maken.
De wetten, voorschriften, richtlijnen en normen die van
kracht zijn in het land waar het apparaat wordt gebruikt
dienen in acht genomen te worden (veiligheidsvoor-
schriften, recyclingvoorschriften, veiligheidsvoorschrif-
ten met betrekking tot elektra of gas, etc.).
Wees voorzichtig bij het verplaatsen van het apparaat.
Het apparaat is zwaar. Gebruik altijd veiligheidshand-
schoenen. Trek het apparaat nooit aan de handgreep
van zijn plaats.
Zorg ervoor dat de stekker van het apparaat uit het
stopcontact is getrokken tijdens de installatie (indien
van toepassing).
Houd de minimumafstanden naar andere apparaten en
units in acht.
Plaats het apparaat niet op een basis.
2
Aansluiting op het elektriciteitsnet
Alleen een bevoegd elektriciën mag het apparaat instal-
leren en aansluiten. Neem contact op met een erkend
servicecentrum. Dit om lichamelijk letsel of structurele
schade te voorkomen.
Dit apparaat moet worden geaard.
Controleer of de elektrische gegevens op het typepla-
tje overeenkomen met de stroomvoorziening in uw wo-
ning.
Informatie over het voltage vindt u op het typeplaatje.
U dient te beschikken over de juiste scheidingsvoorzie-
ningen: stroomonderbrekers, zekeringen (schroefzeke-
ringen moeten uit de houder worden verwijderd), aard-
lekschakelaars en contactgevers.
De elektrische installatie moet isolatie bevatten waar-
door het apparaat volledig van het lichtnet afgesloten
kan worden. De isolatie moet een contactopening heb-
ben met een minimale breedte van 3mm.
De schokbeschermingsonderdelen moeten zo worden
bevestigd dat zij niet kunnen worden verwijderd zonder
gereedschap.
Gebruik altijd een correct geïnstalleerd, schokbesten-
dig stopcontact.
Houd kabels bij het aansluiten van elektrische appara-
ten op stopcontacten uit de buurt van de hete deur van
het apparaat.
Gebruik geen meerwegstekkers, -aansluitingen en ver-
lengkabels. Er kan brand ontstaan.
Zorg ervoor dat de stroomsnoeren (indien van toepas-
sing) en kabel niet knakken of beschadigd raken achter
het apparaat.
Zorg ervoor dat de aansluiting op het net toegankelijk
is na de installatie.
Trek niet aan het netsnoer om het apparaat los te kop-
pelen. Trek altijd aan de stekker zelf (indien van toe-
passing).
Vervang of verander het netsnoer niet zelf. Neem con-
tact op met een erkend servicecentrum.
Gebruik
Dit apparaat is uitsluitend bedoeld voor huishoudelijk
koken. Gebruik het apparaat niet voor commerciële of
industriële doeleinden. Zo voorkomt u lichamelijk let-
sel of schade aan eigendommen.
Controleer het apparaat altijd tijdens gebruik.
Sta niet te dicht bij het apparaat als u de deur van het
apparaat opent als het apparaat aan staat. Er kan hete
stoom ontsnappen. Er bestaat gevaar voor brandwon-
den.
Gebruik dit apparaat niet als het contact maakt met wa-
ter. Bedien het apparaat niet met natte handen.
Het apparaat mag niet worden gebruikt als werkblad of
aanrecht.
De kookplaat van het apparaat wordt heet tijdens ge-
bruik. Er bestaat gevaar voor brandwonden. Leg geen
metalen voorwerpen, zoals bestek of deksels, op de
kookplaat; deze kunnen zeer heet worden.
De binnenkant van het apparaat wordt heet tijdens ge-
bruik. Er bestaat gevaar voor brandwonden. Gebruik
ovenhandschoenen wanneer u bakroosters, schalen
e.d. plaatst of verwijdert.
Het apparaat en de toegankelijke onderdelen ervan
worden heet tijdens gebruik. Zorg ervoor dat u de ver-
warmingselementen niet aanraakt. Houd jonge kinde-
ren uit de buurt of onder permanent toezicht.
Open de deur voorzichtig. Als u alcoholische toevoe-
gingen gebruikt, kan er alcohol-luchtmengsel ontstaan.
Er kan brand ontstaan.
Houd vonken of open vlammen uit de buurt van het ap-
paraat bij het openen van de deur.
Plaats geen ontvlambare producten of items die voch-
tig zijn door ontvlambare producten, en/of onstekings-
producten (gemaakt van plastic of aluminium) in, bij of
op het apparaat. Er kan brand of een explosie ontstaan.
Zet de kookzones op "uit" na ieder gebruik.
Gebruik de kookzones niet met leeg kookgerei of zon-
der kookgerei erop
Laat kookgerei niet droogkoken. Dit kan schade veroor-
zaken aan kookgerei en het kookoppervlak.
Als er voorwerpen of kookgerei op de kookplaat vallen,
kan het oppervlak beschadigd raken.
Zet geen heet kookgerei naast het bedieningspaneel,
want de warmte kan het apparaat beschadigen.
Wees voorzichtig bij het verwijderen of installeren van
toebehoren om schade aan het emaille van het apparaat
te voorkomen.
Pannen van gietijzer, aluminium of met beschadigde
bodems kunnen krassen veroorzaken op de kookplaat
als u ze over het oppervlak schuift.
Verkleuring van het email heeft geen ongewenst effect
op de werking van het apparaat.
3
Om schade of verkleuring van het emaille te voorko-
men:
plaats geen voorwerpen direct op de bodem van het
apparaat en bedek het niet met aluminiumfolie;
plaats heet water niet direct in het apparaat;
haal vochtige schotels en eten uit het apparaat als u
klaar bent met koken.
Oefen geen kracht uit op een geopende deur.
Leg geen ontvlambaar materiaal in het deel onder de
oven. Bewaar daar alleen hittebestendige accessoires
(indien van toepassing).
Dek de stoomuitgangen van de oven niet af. Deze be-
vinden zich aan de achterzijde van de bovenkant (in-
dien van toepassing).
Plaats geen voorwerpen op de kookplaat die kunnen
gaan smelten.
Sluit de stroomtoevoer af als het oppervlak is gebar-
sten. Er bestaat risico op elektrische schokken.
Leg geen warmtegeleidend materiaal (bijv. dunne roos-
ters of metalen platen die de warmte geleiden) onder de
pannen. Door de warmtereflectie kan de kookplaat be-
schadigen.
Bedien het apparaat niet met een externe timer of een
apart afstandbedieningssysteem.
Onderhoud en reiniging
Zorg ervoor dat het apparaat is afgekoeld voordat u on-
derhoud verricht. Gevaar voor brandwonden. De glazen
panelen kunnen breken.
Houd het apparaat altijd schoon. Opeenhopingen van
vetten of andere voedselresten kunnen brand veroorza-
ken.
Regelmatig reinigen voorkomt dat het oppervlaktemate-
riaal van de oven achteruitgaat.
Gebruik voor uw eigen veiligheid en de veiligheid van
uw eigendommen alleen water en zeep om het apparaat
te reinigen. Gebruik geen ontvlambare producten of
bijtende producten.
Reinig het apparaat niet met stoomreinigers, hogedruk-
reinigers, scherpe voorwerpen, schuurmiddelen,
schuursponzen en vlekverwijderaars.
Volg de aanwijzingen van de ovenfabrikant op als u een
ovenspray gebruikt. Spray niets op de verwarmingsele-
menten en de thermostaatsensor (indien van toepas-
sing).
Reinig de glazen ovendeur niet met schurende reini-
gingsmiddelen of een metalen schraper. Het hittebe-
stendige oppervlak van de binnenruit kan hierdoor bre-
ken en versplinteren.
Als de glasplaten beschadigd raken, worden ze zwak en
kunnen ze breken. U dient ze te vervangen. Neem con-
tact op met een erkend servicecentrum.
Wees voorzichtig bij het verwijderen van de deur uit het
apparaat. De deur is zwaar.
De lampjes die in dit apparaat worden gebruikt, zijn
speciale lampjes voor huishoudelijke apparaten. Ze
kunnen niet worden gebruikt voor de gehele of gedeel-
telijke verlichting van een woonruimte.
Vervang de lampjes indien nodig alleen door nieuwe
lampjes met hetzelfde vermogen die specifiek bedoeld
zijn voor huishoudelijke apparaten.
Haal de stekker van het apparaat uit het stopcontact
voordat u de ovenlamp vervangt. Gevaar voor elektri-
sche schokken. Laat het apparaat afkoelen. Gevaar voor
brandwonden.
Servicecentrum
Alleen een bevoegde servicemonteur mag dit apparaat
repareren. Neem contact op met een erkend service-
centrum.
Gebruik alleen originele reserveonderdelen.
Verwijdering van het apparaat
Om lichamelijk letsel of schade te voorkomen:
Trek de stekker uit het stopcontact.
Snij het netsnoer van het apparaat af en gooi dit
weg.
Verwijder de deurvergrendeling. Dit voorkomt dat
kinderen of kleine huisdieren in het apparaat opge-
sloten raken. Er bestaat gevaar voor verstikking.
4
Beschrijving van het product
Algemeen overzicht
1
12
2 4 5
7
6
8
9
10
11
1
2
3
4
3
1
Bedieningspaneel
2
Toetsen voor de kookplaat
3
Elektronische tijdschakelklok
4
Knop voor de temperatuur
5
Temperatuurweergave
6
Bedieningsweergave kookplaat
7
Knop voor de ovenfuncties
8
Grill
9
Ovenlampje
10
Ventilator
11
Typeplaatje
12
Rekstanden
Indeling kookplaat
120 mm
180 mm
120 mm
180 mm
140 mm
140 mm
5 4
1 2
3
1
Enkele kookzone 1200 W
2
Tweekringskookzone 1700/700 W
3
Enkele kookzone 1200 W
4
Restwarmte-indicatie
5
Tweekringskookzone 1700/700 W
Accessoires
Ovenrek
Voor servies, bak- en braadvormen.
Vlakke bakplaat
Voor gebak en koekjes
Bewaarlade
Onder de ovenruimte bevindt zich een bewaarcomparti-
ment.
Om het compartiment te gebruiken, tilt u de deur voor-
raan naar omhoog en trek vervolgens naar beneden.
Waarschuwing! De lade kan heet worden als de
oven in werking is.
5
Voor het eerste gebruik
Waarschuwing! Zie het hoofdstuk
'Veiligheidsinformatie'.
Let op! Pak, om de deur te openen, altijd de
handgreep in het midden vast.
Eerste reiniging
Verwijder alle onderdelen van het apparaat.
Reinig het apparaat voor het eerste gebruik
Let op! Gebruik geen schuurmiddelen! De
oppervlakken zouden beschadigd kunnen worden.
Zie het hoofdstuk "Onderhoud en reiniging".
Tijd instellen
De oven werkt pas als u de tijd heeft ingesteld.
Na aansluiting van het apparaat op het stopcontact en na
een stroomstoring knippert het display automatisch.
Druk op de toets Selectie. Het symbool timer actief gaat
branden. Gebruik de " +" of " -"-toets om de huidige tijd in
te stellen.
Na ongeveer 5 seconden stopt het knipperen en geeft de
klok de ingestelde tijd van de dag weer.
Voor een tijdswijziging moet u niet gelijktijdig een
automatische functie (Bereidingsduur of Einde ) in-
stellen.
Voorverwarmen
1.
Stel de functie
en de maximumtemperatuur in.
2. Laat de lege oven ongeveer 45 minuten werken.
3.
Stel de functie
en de maximumtemperatuur in.
4. Laat de lege oven ongeveer 15 minuten werken.
Dit is om eventuele restanten van het ovenoppervlak weg
te branden. De accessoires kunnen heter worden dan bij
normaal gebruik. Gedurende deze periode kunnen geurtjes
en rook worden afgegeven. Dit is normaal. Zorg dat er vol-
doende luchtcirculatie is.
Kookplaat - Dagelijks gebruik
Waarschuwing! Zie het hoofdstuk
'Veiligheidsinformatie'.
Kookstanden
Bedieningsknop Functie
0 Uit-stand
1-9
Kookstanden
(1 = laagste kookstand; 9 = hoog-
ste kookstand)
1. Draai de bedieningsknop in de gewenste kookstand.
Het controlelampje van de kookplaat gaat branden.
2. Zet de bedieningsknop op stand "0" om het kookpro-
ces uit te schakelen. Als alle kookzones zijn uitge-
schakeld, gaat het indicatielampje van de kookplaat
uit.
Gebruik van de dubbele zone
Waarschuwing! Draai de bedieningsknop met de
dubbele zone naar rechts om de dubbele zone aan te
zetten (draai het niet door naar de stoppositie).
1. Draai de bedieningsknop naar rechts - in stand '9'.
2. Draai de bedieningsknop langzaam naar symbool
totdat u een klik hoort.
Op dit moment zijn de twee kookzones aan.
3. Raadpleeg 'Kookstanden' om de nodige kookstanden
in te stellen.
Restwarmte-indicatie
De restwarmte-indicatie gaat branden wanneer een kook-
zone heet is.
Waarschuwing! Verbrandingsgevaar door
restwarmte!
6
Kookplaat - Handige aanwijzingen en tips
Kookgerei
De bodem van het kookgerei moet zo dik en vlak
mogelijk zijn.
Kookgerei gemaakt van geëmailleerd staal of met
aluminium of kopperen bodems, kunnen tot ver-
kleuringen leiden van de glazen keramische
kookplaat.
Energie besparen
Plaats, indien mogelijk, altijd een deksel op het
kookgerei.
Plaats het kookgerei altijd op de kookzone voor-
dat u deze inschakelt.
Schakel voor het einde van de bereidingstijd de
kookzones uit, om gebruik te maken van de rest-
warmte.
De bodems van de pannen en kookzones dienen
dezelfde afmeting te hebben.
Voorbeelden van kooktoepassingen
De gegevens in de volgende tabel dienen slechts als richt-
lijn.
Tempe-
ratuurin-
stelling
Te gebruiken voor: Tijdsin-
stelling
Tips
1 Bereide gerechten warmhouden naar be-
hoefte
Afdekken
1-2 Hollandaisesaus, smelten: boter, chocolade,
gelatine
5-25 min. Tussendoor mengen
1-2 Stollen: luchtige omeletten, gebakken eieren 10-40
min.
Met deksel bereiden
2-3 Zachtjes aan de kook brengen van rijst en ge-
rechten op melkbasis, reeds bereide gerechten
opwarmen
25-50
min.
Voeg minstens tweemaal zoveel vloeistof
toe als rijst, melkgerechten tijdens het be-
reiden tussendoor roeren
3-4 Stomen van groenten, vis en vlees 20-45
min.
Voeg een paar eetlepels vocht toe
4-5 Aardappelen stomen 20-60
min.
Gebruik max. ¼ l water voor 750 g aardap-
pelen
4-5 Bereiden van grotere hoeveelheden voedsel,
stoofschotels en soepen
60-150
min.
Tot 3 l vloeistof plus ingrediënten
6-7 Lichtjes braden: kalfsoester, cordon bleu van
kalfsvlees, koteletten, rissoles, worstjes, lever,
roux, eieren, pannenkoeken, donuts
naar be-
hoefte
Halverwege de bereidingstijd omdraaien
7-8 Door-en-door gebraden, opgebakken aardappe-
len, lendenbiefstukken, steaks
5-15 min. Halverwege de bereidingstijd omdraaien
9 Aan de kook brengen van grotere hoeveelheden water, pasta koken, aanbraden van vlees (goulash, stoof-
vlees), frituren van patates frites
7
Kookplaat - Onderhoud en reiniging
Waarschuwing! Zie het hoofdstuk
'Veiligheidsinformatie'.
Reinig het apparaat na elk gebruik.
Gebruik altijd kookgerei met een schone bodem.
Krassen of donkere vlekken in de glaskeramiek heb-
ben geen invloed op de werking van het apparaat.
Vuil verwijderen:
1. Verwijder direct:gesmolten plastic, gesmolten fo-
lie en suikerhoudende gerechten. Anders kan het
vuil het apparaat beschadigen. Gebruik een speci-
ale schraper voor de glazen plaat. Plaats de
schraper schuin op de glazen plaat en verwijder
resten door het blad over het oppervlak te schui-
ven.
Verwijder nadat het apparaat voldoende is afge-
koeld:kalkvlekken, waterkringen, vetvlekken,
glimmende metaalachtige verkleuringen. Gebruik
een speciaal schoonmaakmiddel voor glaskera-
miek of roestvrij staal.
2. Reinig het apparaat met een vochtige doek en een
beetje afwasmiddel.
3. Wrijf het apparaat ten slotte droog met een schone
doek.
Oven - Dagelijks gebruik
Waarschuwing! Zie het hoofdstuk
'Veiligheidsinformatie'.
Het apparaat aan- en uitzetten
1. Zet de functieknop van de oven op een ovenfunctie.
2. Zet de temperatuurknop op de gewenste tempera-
tuur.
Het temperatuurlampje gaat aan zolang de tempera-
tuur in het apparaat stijgt.
3. Draai om het apparaat uit te schakelen de functiek-
nop van de oven en de thermostaatknop op de uit-
stand.
Veiligheidsthermostaat
Om te voorkomen dat de oven oververhit raakt (door on-
juist gebruik van het apparaat of vanwege defecte onder-
delen), heeft de oven een veiligheidsthermostaat die in-
dien nodig de stroomtoevoer onderbreekt. Zodra de tem-
peratuur is gedaald, wordt de oven automatisch weer in-
geschakeld.
Ovenfunctie
Ovenfuncties Applicatie
De oven staat uit
Traditionele bereiding
Verwarmt de oven met zowel het bovenste als het onderste ver-
warmingselement. Bakken en braden op één ovenniveau.
Grote grill
Het verwarmingselement van de grote grill is ingeschakeld. Voor
het grillen van plat voedsel in grote hoeveelheden. Voor het ma-
ken van toast. Maximale temperatuur voor deze functie is 210
°C.
Onderwarmte-element
Verwarmt alleen van de onderkant van de oven. Voor het bakken
van taarten met een knapperige bodem.
8
Ovenfuncties Applicatie
Hetelucht
Voor het braden of braden en bakken van gerechten waarvoor de-
zelfde bereidingstemperatuur nodig is, op meer dan één steun-
hoogte, zonder dat er smaken worden overgebracht van het ene
naar het andere gerecht.
Ontdooien
Voor het ontdooien van bevroren voedsel. De temperatuurknop
moet in de uitstand staan.
Oven - Klokfuncties
Elektronische tijdschakelklok
1 32 4
567
1
Indicator voor de tijdsduur en de eindtijd
2
Tijdindicatie
3
Timer actief lampje
4
Kookwekker lampje
5
Toets " +"
6
Keuzetoets
7
Toets " -"
Klokfunctie Applicatie
Kookwekker Om de tijd af te tellen (1 min - 23 uur 59 minuten).
Als de ingestelde tijd is verstreken, klinkt er een geluidssignaal.
Deze functie is niet van invloed op de werking van de oven.
dur Duur Instellen hoe lang de oven moet worden gebruikt (1 min - 10 uur).
End Einde Hier stelt u de tijd in wanneer de oven moet worden uitgeschakeld (1 min - 10
uur).
Bereidingsduur en einde kunnen gelijktijdig worden
gebruikt, wanneer de oven op een later tijdstip auto-
matisch wordt in- en uitgeschakeld. Stel eerst de Berei-
dingsduur en daarna het Einde in.
9
De klokfuncties instellen
1. Druk meerdere malen op de keuzetoets tot het ge-
wenste functielampje knippert.
2.
Om de tijd in te stellen voor de kookwekker
, Be-
reidingsduur dur of Einde End, gebruikt u de "+" of
"-"-toets.
De bijbehorende functie gaat branden. Voor Einde en
Bereidingsduur gaat A ook branden.
Wanneer de tijd is verstreken, knippert het functie-
lampje en klinkt er gedurende 2 minuten een ge-
luidsignaal.
Bij de functies Bereidingsduur en Einde schakelt de
oven automatisch uit.
3. Druk op een willekeurige toets om het signaal uit te
zetten.
De klokfunctie annuleren
1. Druk meerdere malen op de keuzetoets tot het ge-
wenste functielampje knippert.
2. Druk gelijktijdig op de toetsen "-" en "+".
De klokfunctie gaat na een paar seconden uit.
Het geluidssignaal wijzigen
1. Houd om het huidige geluidssignaal te horen de toets
"-" ingedrukt.
2. Druk herhaaldelijk op "-" om het geluid te verande-
ren.
3. Laat de toets "-" los. Het laatste geluid dat u instelt is
het nieuwe geluid.
Als het apparaat uit het stopcontact wordt getrokken of na
een stroomstoring is het geluidssignaal weer ingesteld op
het standaardgeluid.
Oven - Handige aanwijzingen en tips
Let op! Gebruik voor cakes met veel vocht een diep
bakblik. Vruchtensappen kunnen het emaille
beschadigen.
Het apparaat heeft vier inzetniveaus. Tel de inzetni-
veaus vanaf de bodem van het apparaat.
Vocht kan in het apparaat of op de glazen deuren con-
denseren. Dit is normaal. Ga altijd iets terug staan van
het apparaat als u de deur van het apparaat tijdens de
werking opent. Om de condens te verminderen, dient u
het apparaat 10 minuten te laten voorverwarmen.
Veeg na elk gebruik het vocht van het apparaat.
Plaats geen voorwerpen direct op de bodem van het
apparaat en bedek het niet met aluminiumfolie als u
kookt. Dit kan de bakresultaten veranderen en de
emaillelaag beschadigen.
Voor de bereiding van gebak
Warm de oven ongeveer 10 minuten voor het bakken
voor.
Doe de ovendeur niet open voordat driekwart van de
baktijd is verstreken.
Als u twee bakplaten tegelijkertijd gebruikt, dient u één
niveau ertussen leeg te laten.
Voor de bereiding van vlees en vis
Bereid geen vlees dat minder weegt dan 1 kg. Het be-
reiden van te kleine hoeveelheden maakt het vlees
droog.
Gebruik een lekbak voor erg vet voedsel om te oven te
behoeden voor blijvende vetvlekken.
Laat het vlees ongeveer 15 minuten rusten voordat u
het aansnijdt, zodat het vleessap er niet uit stroomt.
Om te veel rook tijdens het braden in de oven te ver-
mijden, kunt u een beetje water in de lekbak gieten. Om
rook te vermijden, voegt u water toe wanneer het is op-
gedroogd.
Bereidingstijden
Bereidingstijden zijn afhankelijk van het soort voedsel, de
structuur en het volume.
Houd de werking van de oven in de gaten tijdens de eerste
keren dat u het apparaat gebruikt. Op die manier ontdekt u
de beste instellingen (warmte-instelling, bereidingstijd
etc.) voor uw ovenschalen, recepten en hoeveelheden
wanneer u dit apparaat gebruikt.
10
Boven + onderwarmte
Gerecht Gewicht (g) Type bakplaat Rekstand
Voorverwar-
men (minu-
ten)
Temperatuur
(°C)
Bereidingstijd
(minuten)
Deegreepjes
voor op vlaai-
en/taarten
250 emaille 3 - 150 25-30
Platte taart 1000 emaille 2 10 160-170 30-35
Koffiebroodjes
met appel en
gist
2000 emaille 3 - 170-190 40-50
Appeltaart 1200+1200 2 ronde alu-
minium bak-
platen (diame-
ter: 20 cm)
1 15 180-200 50-60
Kleine cakes 500 emaille 2 10 160-180 25-30
Biscuittaart
zonder vet
350 1 ronde alu-
minium bak-
plaat (diame-
ter: 26 cm)
1 10 160-170 25-30
Pannenkoek 1500 emaille 2 - 160-170
45-55
1)
Hele kip 1350 ovenrooster
op stand 2,
braadslee op
stand 1
2 - 200-220 60-70
Halve kip 1300 ovenrooster
op stand 3,
braadslee op
stand 1
3 - 190-210 30-35
Gebraden var-
kenskotelet
600 ovenrooster
op stand 3,
braadslee op
stand 1
3 - 190-210 30-35
Vlaaibrood 800 emaille 2 20 230-250 10-15
Gevulde gist-
cake
1200 emaille 2 10-15 170-180 25-35
Pizza 1000 emaille 2 10-15 200-220 30-40
Kwarktaart 2600 emaille 2 - 170-190 60-70
Zwitserse ap-
pelflan
1900 emaille 1 10-15 200-220 30-40
Kerstcake 2400 emaille 2 10-15 170-180
55-65
2)
11
Gerecht Gewicht (g) Type bakplaat Rekstand
Voorverwar-
men (minu-
ten)
Temperatuur
(°C)
Bereidingstijd
(minuten)
Quiche Lorrai-
ne
1000 1 ronde alu-
minium bak-
plaat (diame-
ter: 26 cm)
1 10-15 220-230 40-50
Boerenbrood 750+750 2 ronde alu-
minium bak-
platen (diame-
ter: 20 cm)
1
18
3)
180-200 60-70
Roemeense
biscuittaart
600+600 2 ronde alu-
minium bak-
platen (diame-
ter: 25 cm)
2/2 10 160-170 40-50
Roemeense
biscuittaart -
traditioneel
600+600 2 ronde alu-
minium bak-
platen (diame-
ter: 20 cm)
2/2 - 160-170 30-40
Koffiebroodjes
met gist
800 emaille 2 10-15 200-210 10-15
Koninginnen-
brood (opge-
rolde cake met
jam)
500 emaille 1 10 150-170 15-20
Schuimpjes 400 emaille 2 - 100-120 40-50
Kruimeltaart 1500 emaille 3 10-15 180-190 25-35
Cake, zacht 600 emaille 3 10 160-170 25-35
Botercake 600 emaille 2 10 180-200 20-25
1) Nadat u het apparaat hebt uitgeschakeld, laat u de cake nog 7 minuten in de oven.
2) Nadat u het apparaat hebt uitgeschakeld, laat u de cake nog 10 minuten in de oven.
3) Stel de temperatuur in op 250 °C om voor te verwarmen.
Hetelucht
Gerecht Gewicht (g) Type bakplaat Rekstand
Voorverwar-
men (minu-
ten)
Temperatuur
(°C)
Bereidingstijd
(minuten)
Deegreepjes
voor op vlaai-
en/taarten
250 emaille 3 10 140-150 20-30
12
Gerecht Gewicht (g) Type bakplaat Rekstand
Voorverwar-
men (minu-
ten)
Temperatuur
(°C)
Bereidingstijd
(minuten)
Deegreepjes
voor op vlaai-
en/taarten
250 + 250 emaille 1/3 10 140-150 25-30
Deegreepjes
voor op vlaai-
en/taarten
250 + 250 +
250
emaille 1/2/3 10 150-160 30-40
Platte taart 500 emaille 2 10 150-160 30-35
Platte taart 500 + 500 emaille 1/3 10 150-160 35-45
Platte taart 500 + 500 +
500
emaille
1/2/4
1)
10 155-165 40-50
Koffiebroodjes
met appel en
gist
2000 emaille 3 - 170-180 40-50
Appeltaart 1200 + 1200 2 ronde alu-
minium bak-
platen (diame-
ter: 20 cm)
2/2 - 165-175 50-60
Kleine cakes 500 emaille 2 10 150-160 20-30
Kleine cakes 500 + 500 emaille 1/3 10 150-160 30-40
Kleine cakes 500 + 500 +
500
emaille
1/2/4
1)
10 150-160 35-45
Biscuittaart
zonder vet
350 1 ronde alu-
minium bak-
plaat (diame-
ter: 26 cm)
1 10 150-160 20-30
Pannenkoek 1200 emaille 2 - 150-160
30-35
2)
Hele kip 1300 ovenrooster
op stand 2,
braadslee op
stand 1
2 - 170-180 40-50
Geroosterd
varkensvlees
800 ovenrooster
op stand 2,
braadslee op
stand 1
2 - 170-180 45-50
Gevulde gist-
cake
1200 emaille 2 20-30 150-160 20-30
Pizza 1000 + 1000 emaille 1/3 - 180-200 30-40
Pizza 1000 emaille 2 - 190-200 25-35
13
Gerecht Gewicht (g) Type bakplaat Rekstand
Voorverwar-
men (minu-
ten)
Temperatuur
(°C)
Bereidingstijd
(minuten)
Kwarktaart 2600 emaille 1 - 160-170 40-50
Zwitserse ap-
pelflan
1900 emaille 2 10-15 180-200 30-40
Kerstcake 2400 emaille 2 10 150-160
35-40
2)
Quiche Lorrai-
ne
1000 1 ronde alu-
minium bak-
plaat (diame-
ter: 26 cm)
2 10-15 190-210 30-40
Boerenbrood 750+750 2 ronde alu-
minium bak-
platen (diame-
ter: 20 cm)
1
15-20
3)
160-170 40-50
Roemeense
biscuittaart
600+600 2 ronde alu-
minium bak-
platen (diame-
ter: 25 cm)
2/2 10-15 155-165 40-50
Roemeense
biscuittaart -
traditioneel
600+600 2 ronde alu-
minium bak-
platen (diame-
ter: 20 cm)
2/2 - 150-160 30-40
Koffiebroodjes
met gist
800 emaille 3 15 180-200 10-15
Koffiebroodjes
met gist
800 + 800 emaille 1/3 15 180-200 15-20
Koninginnen-
brood (opge-
rolde cake met
jam)
500 emaille 3 10 150-160 15-25
Schuimpjes 400 emaille 2 - 110-120 30-40
Schuimpjes 400 + 400 emaille 1/3 - 110-120 45-55
Schuimpjes 400 + 400 +
400
emaille
1/2/4
1)
- 115-125 55-65
Kruimeltaart 1500 emaille 3 - 160-170 25-35
Cake, zacht 600 emaille 2 10 150-160 25-35
Botercake 600 + 600 emaille 1/3 10 160-170 25-35
1) Als de taart op stand 4 klaar is, haal de taart eruit en zet de taart van stand 1 erin. Nog 10 minuten bakken.
2) Nadat u het apparaat hebt uitgeschakeld, laat u de cake nog 7 minuten in de oven.
3) Stel de temperatuur in op 250 °C om voor te verwarmen.
14
Informatie over acrylamides
Belangrijk! Volgens recente wetenschappelijke informatie
kan het intensief bruinen van levensmiddelen (met name
in producten die zetmeel bevatten), een gezondheidsrisico
vormen tengevolge van acrylamides. Om die reden
adviseren wij levensmiddelen zoveel mogelijk bij lage
temperaturen gaar te laten worden en de gerechten niet te
veel te bruinen.
Oven - Onderhoud en reiniging
Waarschuwing! Zie het hoofdstuk
'Veiligheidsinformatie'.
Maak de voorkant van het apparaat schoon met een
zachte doek en een warm sopje.
Gebruik voor de metalen oppervlakken een universeel
reinigingsmiddel.
Reinig de binnenkant van de oven na elk gebruik. Ver-
ontreinigingen laten zich dan het makkelijkst verwijde-
ren en kunnen dan niet aanbranden.
Verwijder hardnekkig vuil met een speciale ovenreini-
ger.
Maak alle oventoebehoren na elk gebruik schoon met
een zachte doek en een warm sopje en een reinigings-
middel en laat ze drogen.
Toebehoren met antiaanbaklaag mogen niet worden
schoon gemaakt met een agressieve reinigingsmiddel,
voorwerpen met scherpe randen of afwasautomaat.
Hierdoor kan de antiaanbaklaag onherstelbaar worden
beschadigd!
De ovendeur reinigen
De ovendeur is uitgerust met twee glasplaten die achter
elkaar zijn geplaatst. Om het reinigen te vergemakkelijken
verwijdert u de ovendeur.
Waarschuwing! De ovendeur kan dichtslaan als u
het binnenste glaspaneel probeert te verwijderen en
de deur nog gemonteerd is.
Waarschuwing! Zorg dat het glas is afgekoeld
voordat u de deur schoonmaakt. Het glas zou
kunnen barsten.
Waarschuwing! Als de glasplaten beschadigd raken
of bekrast worden, worden ze zwak en kunnen ze
breken. Om dit te voorkomen, moet u ze vervangen. Voor
meer informatie, neemt u contact op met de service
afdeling.
De ovendeur en de glasplaat verwijderen
1
Open de deur volledig
en houd de twee deur-
scharnieren vast.
2
Til de hendels op de
twee scharnieren omhoog
en draai ze.
3
Sluit de ovendeur in
de eerste openingsstand
(halfopen). Trek hem daar-
na naar voren en haal hem
uit zijn zitting.
1
1
4
Leg de deur op een
stabiele ondergrond, op
een zachte doek.
Gebruik een schroeven-
draaier om de 2 schroeven
aan de onderzijde van de
deur te verwijderen.
Belangrijk! Raak de
schroeven niet kwijt.
.
15
3
2
2
5
Gebruik een kunststof-
fen of houten spatel - of
gelijkaardig - om de bin-
nendeur te openen.
Houd de buitendeur vast
en druk de binnendeur te-
gen de bovenste rand van
de deur.
6
Hef de binnendeur op.
7
Maak de binnenzijde
van de deur schoon.
Reinig de glasplaat met
een sopje. Droog het pa-
neel voorzichtig af.
Waarschuwing! Reinig de glasplaat alleen met een
sopje. Schuurmiddelen, vlekkenverwijderaars en
scherpe voorwerpen (zoals messen of krabbers) kunnen
het glas beschadigen.
De deur en de glasplaat terugplaatsen
Wanneer u klaar bent met reinigen, plaatst u de ovendeur
terug. Om dit te doen moet u de stappen in omgekeerde
volgorde uitvoeren.
4
4
5
5
6
Ovenlampje
Waarschuwing! Wees voorzichtig als u de ovenlamp
vervangt. Er bestaat risico op elektrische schokken.
Voordat u het ovenlampje vervangt:
Schakel de oven uit.
Verwijder de zekeringen in de zekeringenkast, of scha-
kel de stroomonderbreker uit.
Leg een doek op de bodem van de oven om schade
aan het ovenlampje en het afdekglaasje te voorko-
men.
1. Draai het afdekglas naar links en verwijder het.
2. Reinig het afdekglas.
3. Vervang het ovenlampje door een geschikt 300 °C
hittebestendig ovenlampje.
Gebruik hetzelfde ovenlamptype.
4. Plaats het afdekglas terug.
Problemen oplossen
Probleem Mogelijke oorzaak Oplossing
Het apparaat werkt helemaal niet. De zekering in de zekeringkast is
doorgebrand.
Controleer de zekering. Als de zeke-
ring meer dan een keer doorslaat,
raadpleeg dan een bevoegde elektri-
cien.
De kookplaat werkt niet. De kookstand is niet ingesteld. Stel de kookstand in.
De oven wordt niet warm. De klok is niet ingesteld. Stel de klok in.
16
Probleem Mogelijke oorzaak Oplossing
De oven wordt niet warm. De oven is niet ingeschakeld. Schakel de oven in.
De oven wordt niet warm. De benodigde kookstanden zijn niet
ingesteld.
Zorg ervoor dat de instellingen juist
zijn.
Het ovenlampje brandt niet. Het ovenlampje is kapot. Vervang het ovenlampje.
Op het display verschijnen "0.00" en
"LED".
Er is een stroomstoring geweest. Stel de klok weer in.
De restwarmte-indicator gaat niet
aan.
De kookzone is niet heet, omdat hij
slechts kortstondig is gebruikt.
Als de kookzone heet moet zijn, neem
dan contact op met de klantenservice.
Stoom en condens slaan neer op de
gerechten en in de oven.
Het gerecht heeft te lang in de oven
gestaan.
Laat gerechten na het bereiden niet
langer dan 15-20 minuten in de oven
staan.
Als u niet zelf het probleem kunt verhelpen, neem dan
contact op met uw verkoper of de klantenservice.
De contactgegevens van het servicecentrum staan op het
typeplaatje. Het typeplaatje bevindt zich aan de voorkant
van de binnenkant van de oven.
Wij adviseren u om de gegevens hier te noteren:
Model (MOD.) .........................................
Productnummer (PNC) .........................................
Serienummer (S.N.) .........................................
Montage
Waarschuwing! Zie het hoofdstuk
'Veiligheidsinformatie'.
Locatie van het apparaat
U kunt uw vrijstaand apparaat met kasten aan een of twee
zijden en in de hoek plaatsen.
B
A
17
Minimum afstanden
Afmeting mm
A 690
B 150
Technische gegevens
Afmetingen
Hoogte 868 mm
Breedte 600 mm
Diepte 600 mm
Totaal elektrisch vermo-
gen
7635 W
Spanning 230 V
Frequentie 50 Hz
Waterpas zetten
Gebruik de pootjes aan de onderkant van het apparaat om
het op gelijke hoogte te brengen met andere meubels
Elektrische installatie
De fabrikant is niet verantwoordelijk indien u deze
veiligheidsmaatregelen uit hoofdstuk 'Veiligheidsin-
formatie' niet opvolgt.
Dit apparaat wordt geleverd zonder stekker en netsnoer.
Geschikte kabelsoorten: H05 RR-F met correcte doorsne-
de.
De stroomkabel mag het onderdeel van het apparaat
dat getoond wordt in de illustratie niet raken.
Milieubescherming
Het symbool op het product of op de verpakking wijst
erop dat dit product niet als huishoudafval mag worden
behandeld, maar moet worden afgegeven bij een
verzamelpunt waar elektrische en elektronische apparatuur
wordt gerecycled. Als u ervoor zorgt dat dit product op de
juiste manier wordt verwijderd, voorkomt u mogelijke
negatieve gevolgen voor mens en milieu die zich zouden
kunnen voordoen in geval van verkeerde afvalverwerking.
Voor gedetailleerdere informatie over het recyclen van dit
product, kunt u contact opnemen met de gemeente, de
gemeentereiniging of de winkel waar u het product hebt
gekocht.
Verpakkingsmateriaal
Het verpakkingsmateriaal is milieuvriendelijk en ge-
schikt voor hergebruik Kunststofonderdelen worden aan-
geduid met internationale afkortingen, zoals PE, PS, etc.
Gooi het verpakkingsmateriaal weg in de daarvoor be-
stemde containers van uw vuilnisophaaldienst.
18
Sommaire
Consignes de sécurité _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ 19
Description de l'appareil _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ 22
Avant la première utilisation _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ 23
Table de cuisson - Utilisation quotidienne _ _ _ _ _ _ 23
Table de cuisson - Conseils _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ 24
Table de cuisson - Entretien et nettoyage _ _ _ _ _ _ 25
Four - Utilisation quotidienne _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ 25
Four - Fonctions de l'horloge _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ 26
Four - Conseils _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ 27
Four - Entretien et nettoyage _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ 32
En cas d'anomalie de fonctionnement _ _ _ _ _ _ _ _ 34
Installation _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ _ 34
En matière de protection de l'environnement _ _ _ _ _ 35
Sous réserve de modifications
Consignes de sécurité
Lire attentivement cette notice d'utilisation avant l'installa-
tion et l'utilisation de l'appareil :
Pour votre propre sécurité et la sécurité de vos biens.
Pour la protection de l'environnement.
Pour le bon fonctionnement de l’appareil.
Conservez cette notice d'utilisation avec l'appareil, même
si vous veniez à le déplacer ou à le vendre.
Le fabricant décline toute responsabilité si des dommages
sont liés à une mauvaise installation ou à une mauvaise
utilisation.
Sécurité des enfants et des personnes vulnérables
Cet appareil n’est pas destiné à être utilisé par des en-
fants ou des personnes dont les capacités physiques,
sensorielles ou mentales, ou le manque d’expérience et
de connaissance les empêchent d’utiliser l’appareil
sans risque lorsqu’ils sont sans surveillance ou en
l’absence d’instruction d’une personne responsable qui
puisse leur assurer une utilisation de l’appareil sans
danger. Ne laissez pas les enfants jouer avec l'appareil.
Ne laissez jamais les emballages à la portée des en-
fants. Risque d'asphyxie ou de blessure.
Tenez les enfants et les animaux éloignés de l'appareil
lorsque la porte est ouverte et pendant ou après le
fonctionnement de l'appareil. Risque de blessure ou
d'invalidité permanente.
Si l'appareil est équipé d'une sécurité enfants (mécani-
que ou électronique), utilisez-la. Celle-ci empêche les
enfants (ou les animaux) de manipuler l'appareil acci-
dentellement.
Mesures générales de sécurité
Ne modifiez jamais les caractéristiques de cet appareil.
Vous risqueriez de vous blesser et d'endommager l'ap-
pareil.
Ne laissez jamais l'appareil sans surveillance, pendant
son fonctionnement.
Mettez à l'arrêt l'appareil après chaque utilisation.
Installation
Vous trouverez les conditions de réglage de cet appa-
reil sur l'étiquette (ou sur la plaque signalétique).
Ne confiez l'installation et le raccordement de l'appareil
qu'à un professionnel qualifié. Contactez votre service
après-vente. Cela vise à éviter les risques de domma-
ges structurels ou corporels.
Vérifiez que l'appareil n'a subi aucun dommage au
cours du transport. Ne branchez pas un appareil en-
dommagé. Si l'appareil est endommagé, veuillez con-
tacter votre magasin vendeur.
Avant la première utilisation, retirez tous les emballa-
ges, stickers et autocollants. Ne retirez jamais la plaque
signalétique. Cela peut annuler la garantie.
Conformez-vous entièrement aux lois, décrets, régle-
mentations et normes en vigueur dans le pays d'utili-
sation de l'appareil (réglementations de sécurité, de re-
cyclage, de l'électricité ou du gaz etc.).
Soyez prudent lorsque vous déplacez l'appareil. En ef-
fet, il est lourd. Portez toujours des gants de sécurité.
Ne tirez jamais l'appareil par la poignée.
Veillez à débrancher l'appareil au cours de l'installation
(le cas échéant).
Respectez l'écartement minimal requis avec les autres
appareils.
N'installez pas l'appareil sur un socle.
Branchement électrique
Ne confiez l'installation et le raccordement de l'appareil
qu'à un professionnel qualifié. Contactez votre service
19
après-vente. Cela vise à éviter les risques de domma-
ges structurels ou corporels.
L'appareil doit être relié à la terre.
Vérifiez que les données électriques figurant sur la pla-
que signalétique correspondent à celles de votre ré-
seau.
Les renseignements concernant la tension se trouvent
sur la plaque signalétique.
Les dispositifs d'isolement comprennent : des coupe-
circuits, des fusibles (les fusibles à visser doivent être
retirés du support), des disjoncteurs différentiels et des
contacteurs.
L'installation électrique doit être équipée d'un disposi-
tif d'isolement à coupure omnipolaire. Le dispositif
d'isolement doit présenter une distance d'ouverture des
contacts d'au moins 3 mm.
Les dispositifs de protection doivent être fixés de telle
sorte qu'ils ne puissent pas être retirés sans outils.
Utilisez toujours une prise correctement installée, pro-
tégée contre les chocs.
Lors du raccordement d'appareils électriques aux pri-
ses de courant, veillez à ce que les câbles ne touchent
pas ou ne soient pas à proximité de la porte de l'appa-
reil chaud.
L'appareil ne doit pas être raccordé à l'aide d'un pro-
longateur, d'une prise multiple ou d'un raccordement
multiple. Risque d'incendie.
Veillez à ne pas écraser ou endommager la fiche sec-
teur (si tel est le cas) et le câble d'alimentation, situés à
l'arrière de l'appareil.
Après l'installation, assurez-vous que la prise murale
est accessible.
Ne tirez pas sur le câble d'alimentation électrique pour
débrancher l'appareil. Tirez toujours sur la fiche sec-
teur (si tel est le cas).
Ne remplacez et ne modifiez jamais le câble d'alimen-
tation. Contactez votre service après-vente.
Utilisation
Votre appareil est destiné à la cuisson des aliments.
N'utilisez jamais l'appareil à des fins commerciales ou
industrielles. Vous éviterez ainsi des risques matériels
et corporels.
Surveillez toujours l'appareil pendant son fonctionne-
ment.
Si l'appareil est en fonctionnement, écartez-vous tou-
jours de l'appareil avant d'ouvrir la porte. De la vapeur
brûlante peut s'en échapper. Risque de brûlure.
N'utilisez jamais cet appareil s'il est en contact avec de
l'eau. N'utilisez jamais cet appareil avec les mains
mouillées.
N'utilisez jamais l'appareil comme plan de travail ou
comme plan de stockage.
Au cours de l'utilisation, la surface de cuisson de l'ap-
pareil devient chaude. Risque de brûlure. Ne posez pas
d'objets métalliques, comme par exemple des couverts
ou des couvercles de casseroles sur le plan de cuis-
son. Ils risqueraient de s'échauffer.
Au cours de l'utilisation, l'intérieur de l'appareil devient
chaud. Risque de brûlure. Utilisez des gants pour in-
troduire ou retirer les accessoires et les plats.
L'appareil et ses parties accessibles deviennent chauds
pendant la cuisson. Prenez soin de ne pas toucher les
éléments chauffants de l'appareil. Les jeunes enfants
doivent être tenus à l'écart sauf s'ils font l'objet d'une
surveillance continue.
Faites attention en ouvrant la porte. Si vous utilisez des
ingrédients contenant de l'alcool lors d'une cuisson,
un mélange d'alcool et d'air facilement inflammable
peut éventuellement se former. Risque d'incendie.
Ne manipulez pas d'objets incandescents ou provo-
quant des étincelles ou du feu.
Ne placez jamais, dans, sur ou à proximité de l'appa-
reil, des produits inflammables ou des articles impré-
gnés de produits inflammables et/ou des objets sus-
ceptibles de fondre (en plastique ou en aluminium).
Risque d'explosion ou d'incendie.
Mettez à l'arrêt les zones de cuisson après chaque uti-
lisation.
Ne placez pas de récipients de cuisson vides sur les
zones de cuisson et ne mettez pas ces dernières en
fonctionnement sans récipient
Ne laissez pas le contenu des récipients de cuisson
s'évaporer. Cela peut endommager le récipient ou la
table de cuisson.
Évitez de laisser tomber des objets ou des récipients
sur la la table de cuisson. Cela pourrait l'endommager.
Ne posez pas des récipients chauds sur le bandeau de
commande, car la chaleur peut endommager l'appareil.
20
  • Page 1 1
  • Page 2 2
  • Page 3 3
  • Page 4 4
  • Page 5 5
  • Page 6 6
  • Page 7 7
  • Page 8 8
  • Page 9 9
  • Page 10 10
  • Page 11 11
  • Page 12 12
  • Page 13 13
  • Page 14 14
  • Page 15 15
  • Page 16 16
  • Page 17 17
  • Page 18 18
  • Page 19 19
  • Page 20 20
  • Page 21 21
  • Page 22 22
  • Page 23 23
  • Page 24 24
  • Page 25 25
  • Page 26 26
  • Page 27 27
  • Page 28 28
  • Page 29 29
  • Page 30 30
  • Page 31 31
  • Page 32 32
  • Page 33 33
  • Page 34 34
  • Page 35 35
  • Page 36 36
  • Page 37 37
  • Page 38 38
  • Page 39 39
  • Page 40 40

Zanussi ZCV660MW Manuel utilisateur

Taper
Manuel utilisateur

dans d''autres langues